In de Week van de Opvoeding draait het om het uitwisselen van ervaring en ideeën tussen ouders, opvoeders, kinderen en jongeren. Een positieve benadering staat daarbij voorop.  Taboe doet hieraan mee! Vanaf nu iedere dag een gedeelte uit het boek Gebruiksaanwijzing gezocht van Bénazir. Dit is een pedagogische casus over respectloos gedrag.

Een maand na mijn bezoek heb ik Helmi aan de telefoon. Ruben vervalt weer in zijn oude gedrag en ook Bo kopieert meteen het gedrag van haar broer. Karl is voor zijn werk een paar dagen weg en ze heeft het gevoel dat alles weer tussen haar vingers doorglipt. Ruben is weer brutaal en niet corrigeerbaar.

Omdat Helmi niet specifiek kan benoemen waar dit gedrag vandaan komt en Ruben zijn moeder niet toelaat omdat de sfeer enorm gespannen is, besluit ik om de joker in te zetten en even telepathisch contact te leggen met Ruben. Door even mee te kijken in het koppie van het mannetje kan ik zien wat de oorzaak van zijn gedrag is. Ik vraag dan aan hem waarom hij zich zo voelt. En dan laat hij me in een razendsnel tempo zien dat hij boos, teleurgesteld, maar vooral verdrietig is vanwege zijn vader.

BANG DAT VADER HEM VERGETEN IS
Zijn vader had hem beloofd dat hij contact met hem op zou nemen vanaf zijn werkadres in het buitenland, maar dat heeft hij tot nu toe niet gedaan. Ze hebben afspraken gemaakt en zijn vader houdt zich er gewoon niet aan. Waarom zou hij zich dan aan zijn afspraken moeten houden? Maar wat nog veel meer in zijn koppie speelt, is het feit dat zijn vader hem vergeten is en dat hij bang is dat hij niet meer van hem houdt. Het is een enorm onzeker en angstig mannetje, die alles onmiddellijk op zichzelf betrekt. Zijn onzekerheid zorgt ervoor dat hij niet de zaken vanaf een afstand kan bekijken en niet ziet dat zijn vader het op zijn zakenreis erg druk heeft en door het tijdsverschil moeilijk contact met het thuisfront kan leggen. Doordat Ruben dit niet terug-communiceert met zijn moeder en de zaak voor zichzelf steeds groter maakt, is er direct een terugval in zijn gedrag te merken. Bo reageert hier negatief op door het gedrag te kopiëren.

Als ik dit duidelijk maak bij Helmi, snapt ze waarom haar kinderen zo reageren. Ze geeft toe dat Karl inderdaad Ruben beloofd had om te bellen, maar dat hij in een crisissituatie zat op zijn werk en op zo’n moment is hij alleen maar bezig om de boel daar te redderen, opdat het niet verder escaleert. De belofte die hij gemaakt heeft naar zijn zoon is hij daardoor vergeten.

FAMILIEGESPREK
Helmi heeft ook niets tegen de kinderen gezegd over het feit dat Karl een moeilijke tijd heeft en daardoor geen contact kan opnemen. Ik stel haar voor om dit toch even aan de kinderen uit te leggen, zodat Ruben begrijpt dat het overmacht is en niet desinteresse. Maar wat misschien nog veel belangrijker is, is dat ze een familiegesprek inlassen als Karl terug is om dit voorval te bespreken. Weer zal aan Ruben duidelijk gemaakt moeten worden dat hij niet onzeker hoeft te zijn over de liefde van zijn vader. Zijn vader is wel degelijk geïnteresseerd, echter deze kan dit soms niet tonen, omdat andere zaken op dat moment prioriteit hebben. Het familiegesprek werpt weer vruchten af en de kinderen krijgen weer inzicht in het leven van hun vader, omdat hij ze nu in begrijpelijke taal vertelt waarom het voor hem zo moeilijk was om contact op te nemen.

ONZEKERHEID
Niet alleen Ruben kampt met een grote onzekerheid, maar ook Helmi heeft er last van. Omdat de oorzaak van haar veel dieper ligt, maak ik een afspraak met haar om alleen bij mij langs te komen. Samen gaan we dan graven in haar verleden om de oorzaak van haar lage zelfbeeld op te sporen.

Helmi is de middelste uit een gezin van drie kinderen. Haar broer en broertje zijn beiden erg dominant en dat zorgde vroeger voor veel conflicten thuis. Omdat zij letterlijk vaak tussen twee vuren zat, heeft ze maar al te vaak moeten bemiddelen om de sfeer thuis te verbeteren. Ze heeft ook vaak haar mening opzij moeten schuiven, omdat ze vaak bang was dat de andere partij haar anders niet aardig zou vinden. Ze had namelijk allang gemerkt dat, wanneer ze anderen van dienst kon zijn, ze erg aardig werd gevonden. Niet altijd vond ze dat leuk, maar ze durfde niets er tegen in te brengen en slikte haar eigen wil dan ook frequent in.

TELEURGESTELD
Helmi werd in de ogen van velen een gemakkelijk en probleemloos kind die eigenlijk alles wel goed vond. Ze gaf nooit aan dat iets niet naar haar zin was en was grenzeloos. Omdat het een natuurlijk gegeven werd dat ze voor iedereen klaar stond, werd het vanzelfsprekend gevonden en niet naar waarde ingeschat. De onzekere Helmi ging daardoor meer en meer haar best doen om op die manier gewaardeerd te worden. Ze begreep ook niet dat – wanneer een ander iets deed – deze wel de complimenten en waardering kreeg, maar haar daden aan niemand opvielen. Inwendig was ze teleurgesteld en vaak ook boos, omdat ze in haar ogen toch nooit iets goed kon doen, daar niemand haar complimenteerde over haar daden.

Totdat ze Karl ontmoette, een jongen die haar knap vond en zelfs erg galant was. Ze groeide, want voor het eerst zag iemand haar staan en ze voelde zich gewaardeerd door hem. Helmi stortte zich helemaal op haar nieuwe vlam en legde hem helemaal in de watten. Karl, die dit totaal niet gewend was, genoot ervan en liet zich  ook heerlijk  vertroetelen. Toen hij er langzamerhand aan gewend raakte, veranderde zijn houding. Hij sprak niet altijd meer zijn waardering voor haar uit en al snel was het heel gewoon voor hem dat Helmi zo verzorgend was. Hij zorgde voor het geld en zij voor de rest en hij verwachtte ook niet van haar dat ze haar waardering over hem uitsprak.

VANZELFSPREKEND
De huidige situatie is langzaamaan zo gegroeid dat iedereen in het gezin het meer dan vanzelfsprekend vindt dat Helmi alles regelt en doet. Zij echter voelt zich een slaaf van haar gezin en vindt dat ze totaal geen waardering of enige vorm van dankbaarheid krijgt. Dat ze zelf haar houding moet veranderen – wil ze dit voor elkaar krijgen – dat ziet ze niet. Ze legt zichzelf op een presenteerblaadje en dient het een ieder op die het maar wil hebben.

Ik leg haar uit dat ze zichzelf als een goudklompje moet zien. Als je dat op een presenteerblaadje aanbiedt aan anderen en zeg: “Hier, je mag het hebben.”, dan zal de ander het niet naar waarde schatten. Sterker nog: de persoon zal het misschien wel wantrouwen, want je geeft toch niet zomaar een goudklompje weg? Daar is het toch te waardevol voor? Als je tegen de ander zegt: “Dit is een goudklomp en je mag ernaar kijken, maar het niet vasthouden, want het is erg veel waard” dan zal het klompje goud in waarde stijgen bij de persoon die ernaar mag kijken. Zo zal Helmi zich ook moeten presenteren in haar gezin, maar ook in haar omgeving. Ze kijkt me aan en knikt. Ze weet echter niet hoe ze dit voor elkaar moet krijgen.

Deel 1, deel 2, deel 3, deel 4, deel 5