Het is de Week van de Opvoeding tot 13 oktober 2013. Deze week draait om het uitwisselen van ervaring en ideeën tussen ouders, opvoeders, kinderen en jongeren. Een positieve benadering staat daarbij voorop. Taboe doet hieraan mee! Vanaf nu deze week iedere dag een gedeelte van een hoofdstuk uit het boek Gebruiksaanwijzing gezocht van Bénazir. Dit is een pedagogische casus over respectloos gedrag.

deel 3

Vervolgens werd het gezin uitgebreid met dochter Bo en dat was een totaal ander kind dan Ruben. Ze was makkelijk qua gedrag en erg tevreden. Karls werkperiode in het buitenland werd verlengd met nog twee jaar en Helmi stond nu alleen voor de opvoeding van twee kinderen. Ze had nu nog meer haar handen vol aan Ruben, maar troostte zich met de gedachte dat hij straks naar school zou gaan, waardoor ze meer ruimte zou krijgen.

AANDACHT
Bo, het lachebekje van het gezin, was het oogappeltje van vader. Karl vond het gedrag van zijn zoon erg moeilijk en negeerde hem en trok meer met zijn ongecompliceerde dochter op. Ruben merkte dat zijn vader niet echt veel interesse had in hem en wist, dat als hij aandacht wilde hebben, hij zich op de grond moest smijten en moest gillen en krijsen. Dat werkte bij mama, dus zou het bij papa ook wel zo werken. Maar Karl raakte dan geïrriteerd en liep weg. Hij zei dan verwijtend naar zijn vrouw dat háár zoon weer een aanval had. Helmi deed dan zo haar best om Karl te laten zien dat Ruben ook leuke kanten had en dat kon ze maar op één manier en dat was: hem zijn zin geven. Dit zorgde er natuurlijk voor dat het negatieve gedrag weer versterkt werd.

CONTRAST
Bo was een baby die weinig tot geen problemen gaf en dat stond in schril contrast met het gedrag van haar broer. Als Karl een weekend per maand thuis was, wilde hij het liefst een rustig een heerlijk weekend hebben en dat kreeg hij door met Bo op te trekken. Zij reageerde ook bijzonder goed op haar vader en die twee kregen een hele hechte band. Om dit te compenseren bij Ruben, trok Helmi het ventje nog meer naar zich toe. Zo ontstond er in het gezin een soort van tweedeling. Bo werd een vaderskind en Ruben een moederskind. Het gedrag van beide ouders leek op deze manier gerechtvaardigd.

SCHOOL
Toen Ruben naar de basisschool ging, werden de problemen qua gedrag nog duidelijker, omdat Helmi nu vergelijkingsmateriaal kreeg. Hij bleek een dominant mannetje te zijn met een erg lage frustratie-tolerantiegrens. Zijn leerkracht sprak haar hierover aan en zij weet het aan het feit dat hij nog moest wennen aan dit totaal andere ritme. Ze had het gevoel dat ze voor haar zoon moest opkomen, omdat hij al afgewezen werd door zijn vader. Ze wilde niet dat ook anderen zich tegen hem gingen keren, want in haar ogen was er niet echt een probleem. Oké, het was een kind met temperament, maar hij had ook hele lieve kanten. Ruben was Ruben en daar moest je gewoon even aan wennen. Niets mis mee, toch?

BESCHERMEN
Het gedrag van Ruben werd alleen maar problematischer in de klas en de school adviseerde om externe begeleiding te zoeken. Daar schrok Helmi van en ze was inwendig heel erg boos. Ze kreeg het gevoel dat ze gefaald had als moeder, maar had ook het idee dat de hele wereld haar zoon als zwart schaap zag. Ze ging hem nog meer beschermen tegen de boze wereld en dat deed ze door hem materieel te verwennen. Op die manier hoopte ze dat hij niet merkte dat hij geen vriendjes had. Ruben kreeg bergen met speelgoed en alle aandacht ging naar hem uit als hij thuis was.

Bo hobbelde in haar eigen tempo mee en wist dat ze haar broer van tijd tot tijd moest vermijden, want dan had hij een vervelende bui. Zij was een kind dat perfect alleen kon spelen en zocht ook regelmatig de rust op als het thuis weer zo explosief was. Papa was dan – als hij thuis was – een rustpunt voor haar, maar ze kreeg van hem ook de aandacht die ze miste van haar moeder.

ISOLEMENT
Op school werd het gedrag van Ruben steeds problematischer en Helmi moest een hulpverlener inroepen. Ze ging een aantal malen met hem naar een GGZ-instelling, maar stond niet achter het idee. Al gauw stopte ze hiermee, omdat volgens haar Ruben door de hulpverleners niet begrepen werd. Karl zag dit met lede ogen aan en ergerde zich aan de opstelling van zijn vrouw. Omdat hij sinds kort weer ‘thuis’ woont, wil hij zich niet teveel opstellen als de verbeteraar om conflicten uit de weg te gaan. Bezoekjes afleggen met Ruben wordt steeds moeilijker, omdat vrienden en familie al aangeven dat ze het gedrag van hem niet prettig vinden. Daardoor raakt het gezin langzamerhand steeds meer in een isolement. De irritaties binnen het gezin lopen hoog op en Karl gaat steeds langer doorwerken om maar van huis weg te zijn. Op de schaarse momenten dat hij thuis is, lijkt alleen maar Bo voor hem te bestaan: Helmi en Ruben worden genegeerd.

Ruben is een einzelgänger geworden die altijd en overal alleen te vinden is. Zijn nieuwe leerkracht vindt dit erg triest en toen hij weer eens voor de zoveelste keer een driftaanval kreeg, besloot ze om met hem na school in gesprek te gaan. Voor zich ziet ze een jongetje van elf jaar dat eenzaam is en geweerd wordt door de klas vanwege zijn gedrag. Hij hangt de clown uit op school, presteert zeer weinig en is enorm brutaal en respectloos naar leerkrachten. Het lijkt alsof je niet tot dit kind kunt doordringen, omdat je niet weet wat er in zijn koppie omgaat.

DOORBREKEN
Ze was vastbesloten om te weten te komen hoe ze dit kon doorbreken en de eerste stap die ze zette was alleen met hem op een rustig moment na school praten. Ruben nam een stoere en ongeïnteresseerde houding aan en juf Inge negeerde het. Ze bleef lief, ondanks de duidelijke afwijzing van Ruben. Toen ze tegen hem zei dat ze hem ondanks zijn gedrag een leuke knul vond, zag ze ineens dat de ogen van Ruben waterig werden. Nu wist ze dat er achter dit stoere gedrag een gevoelig mannetje schuilde en die wilde ze naar boven halen. Er volgde een goed gesprek tussen de juf en de leerling en ze beloofde om naar oplossingen te zoeken.

Inge plande een gesprek met beide ouders in om dit voorval te bespreken. Toen ze tegenover haar zaten, zag ze dat er heel wat scheef zat tussen de echtelieden en wist dat er externe hulp nodig was. Zij wilden geen van beiden hulp van een GGZ -instelling en Inge attendeerde hen op mij als hulpverlener.

Deel 1, deel 2